Saudade — Het Portugese verlangen
Saudade (uitspraak: „Sau-DAH-dsche") is het meest Portugese van alle woorden — en zogenaamd onvertaalbaar. Het beschrijft een diep, bitterzoet verlangen naar iets dat afwezig is: naar een verloren liefde, een verleden tijd, het thuis, een gevoel dat je ooit had. Saudade is niet gewoon verdriet — het is de vreugde in de pijn van de herinnering, een genieten van het gemis.
Saudade doordringt de gehele Portugese cultuur. Het is de essentie van de Fado, de melancholische muziek van Lissabon. Het verklaart waarom Portugezen bij een glas wijn in herinneringen zwelgen, waarom ze hun emigranten nooit vergeten (in elk dorp is er een feest voor de terugkeerders in de zomer), en waarom ze tegelijkertijd zo hartelijk en zo weemoedig kunnen zijn.
Historisch heeft Saudade diepe wortels: eeuwenlang vertrokken Portugese zeevaarders, soldaten en emigranten en kwamen vaak nooit meer terug. De vrouwen wachtten in de haven — de „Espera" (het wachten) werd deel van de nationale psyche. Fernando Pessoa schreef: „Saudade is het gevoel dat achterblijft als wat was niet terugkomt en wat had kunnen zijn nooit is gebeurd."
Voor reizigers toont Saudade zich in de bijzondere sfeer van Portugal: in de Fado-huizen van de Alfama, in de blik van een oude vrouw die aan het raam zit en naar de zee kijkt, in de manier waarop Portugezen „Com certeza" (zeker) zeggen — beleefd, maar met een lichte zucht, alsof ze weten dat zekerheid een illusie is.
💡 Tipp
Om Saudade echt te begrijpen, bezoek 's avonds een authentiek Fado-huis in de Alfama-wijk van Lissabon of in Coimbra. Let op de gezichten van de luisteraars, niet alleen op de zangeres — daar zie je wat Saudade betekent.
