Van de oudheid tot de middeleeuwen
De geschiedenis van Montenegro gaat terug tot in de Steentijd — grotten nabij de baai van Kotor tonen bewoning aan sinds meer dan 10.000 jaar. De eerste historisch bekende bewoners waren de Illyriërs, een volk dat het gehele westelijke Balkanschiereiland bewoonde en handel dreef met de Grieken.
Oudheid & Romeinse tijd
In de 3e eeuw v. Chr. kwam de regio onder Romeinse controle. De Romeinen stichtten steden zoals Doclea (nabij het huidige Podgorica), Acruvium (Kotor) en Olcinium (Ulcinj). De regio behoorde tot de provincie Dalmatië en profiteerde van Romeinse wegen, aquaducten en handelsroutes. Toen het Romeinse Rijk in 395 n. Chr. werd verdeeld, viel het gebied aan Oost-Rome (Byzantium) — het begin van een eeuwenlange oriëntatie op Constantinopel.
Slavische vestiging & Duklja
In de 6e en 7e eeuw vestigden Slavische stammen zich op de Balkan. Op het grondgebied van Montenegro ontstond het vorstendom Duklja (ook wel Zeta genoemd), dat in de 11e eeuw onder prins Vojislav voor het eerst onafhankelijk werd. Zijn kleinzoon Koning Mihailo ontving in 1077 de koningskroon van de paus — Duklja was daarmee een van de oudste erkende koninkrijken van middeleeuws Europa. De kerken en kloosters uit deze tijd getuigen van een hoogontwikkelde cultuur.
Venetiaanse kust
Vanaf de 14e eeuw verzekerde de Republiek Venetië zich van de controle over de kuststeden: Kotor, Perast, Budva en Herceg Novi werden deel van de Venetiaanse handelswereld en kregen hun karakteristieke architectuur — palazzi, loggia's, stadsmuren en de gevleugelde Marcusleeuw, die nog steeds op veel gebouwen prijkt. De Venetiaanse periode (1420–1797 in Kotor) vormde de kustcultuur duurzaam: taal, keuken, architectuur en maritieme traditie dragen tot op heden Venetiaanse sporen.
