Kelten, Christianisering & Vikingen (tot 1169)
Ierlands vroegste bekende bewoners lieten monumentale sporen na: Newgrange (ca. 3200 v. Chr.) is ouder dan de piramides en bewijst een hoogontwikkelde steentijdcultuur met astronomische kennis. Rond 500 v. Chr. bereikten de Kelten het eiland en drukten voor altijd hun stempel op Ierland: hun taal (Gaeilge leeft tot op heden), hun kunst (Keltische knopen, spiralen, kruisen), hun mythologie (Cú Chulainn, de Tuatha Dé Danann, de Sídhe-feeënheuvels) en hun maatschappelijke orde van koningen, druïden en barden.
In de 5e eeuw kwam de heilige Patrick (een Romeins-Britse slaaf die naar Ierland was ontvoerd, ontsnapte en als missionaris terugkeerde) en christianiseerde het eiland. De verbinding van Keltische cultuur en christendom schiep iets unieks: Ierse monniken werden de bewakers van de Europese beschaving tijdens de Donkere Eeuwen. In kloosters als Clonmacnoise, Glendalough en Skellig Michael kopieerden ze antieke teksten en creëerden meesterwerken zoals het Book of Kells.
Vanaf 795 kwamen de Vikingen — eerst als plunderaars, later als kolonisten die steden stichtten: Dublin (Dubh Linn, „zwarte vijver"), Waterford, Cork, Limerick en Wexford zijn allemaal Vikingstichtingen. De Slag bij Clontarf (1014), waarin Hoge Koning Brian Boru de Vikingen versloeg (maar zelf sneuvelde), beëindigde hun heerschappij.
