De Medici — Heersers en Mecenassen
Geen enkele familie heeft een stad zo gevormd als de Medici Florence. Gedurende drie eeuwen (ca. 1400–1737) bepaalden zij het lot van de stad — als bankiers, politici, pausen en de grootste kunstmecenassen in de geschiedenis.
Cosimo de Oudere (1389–1464)
Cosimo de' Medici — bijgenaamd „il Vecchio" (de Oude) — was de grondlegger van de Medici-heerschappij. Hij controleerde het grootste bankennetwerk van Europa en gebruikte zijn rijkdom om de beste kunstenaars, filosofen en architecten naar Florence te halen. Hij financierde Brunelleschi, liet het Palazzo Medici-Riccardi bouwen en stichtte de Platonische Academie, die de oude Griekse kennis nieuw leven inblies. Zijn motto: „Elke schilder schildert zichzelf" — Cosimo schilderde Florence als het centrum van de wereld.
Lorenzo il Magnifico (1449–1492)
Lorenzo de' Medici — „de Prachtige" — was het gouden hoogtepunt: dichter, diplomaat, bankier en mecenas, die Botticelli, de jonge Michelangelo en Leonardo in zijn paleis uitnodigde. Onder Lorenzo beleefde Florence zijn culturele bloeiperiode — de Hoogrenaissance. Hij overleefde in 1478 de Pazzi-samenzwering (zijn broer Giuliano werd in de kathedraal vermoord) en regeerde Florence met een mix van charme, sluwheid en machtspolitiek. Zijn dood in 1492 markeerde het einde van het gouden tijdperk.
Savonarola en de IJdelheidsverbranding
Na Lorenzo's dood nam de Dominicaanse monnik Girolamo Savonarola de controle over. Hij predikte tegen corruptie en luxe en organiseerde de beruchte „IJdelheidsverbranding" (1497) op de Piazza della Signoria: schilderijen, boeken, spiegels, cosmetica en luxe goederen werden verbrand. Een jaar later werd Savonarola zelf op dezelfde plek opgehangen en verbrand. Een bronzen plaquette op de grond markeert de plek.
De late Medici en het einde
Latere Medici werden groothertogen van Toscane (vanaf 1537) en leverden twee pausen: Leo X. (die Maarten Luther excommuniceerde) en Clemens VII. (die de Plundering van Rome in 1527 overleefde). De laatste Medici, Anna Maria Luisa de' Medici, schonk in 1743 de gehele kunstcollectie van de familie aan de stad Florence — op voorwaarde dat niets ooit de stad zou verlaten. Dit „Patto di Famiglia" is de reden waarom Florence vandaag de dag nog al zijn kunstschatten bezit.