Begroeting & Beleefdheid
Basisbegroetingen:
- Selamat pagi (sö-LA-mat PA-gi) — Goedemorgen (tot ca. 11 uur)
- Selamat siang (sö-LA-mat SI-ang) — Goedendag (11-15 uur)
- Selamat sore (sö-LA-mat SO-re) — Goedemiddag (15-18 uur)
- Selamat malam (sö-LA-mat MA-lam) — Goedenavond/Nacht
- Apa kabar? (A-pa KA-bar) — Hoe gaat het?
- Baik, terima kasih (BA-ik, tri-MA KA-si) — Goed, dank je
- Terima kasih — Dank je (de belangrijkste woorden!)
- Sama-sama — Graag gedaan
- Permisi (per-MI-si) — Pardon (om aandacht te vragen / voorbij te gaan)
- Maaf (MA-af) — Sorry (om vergiffenis)
- Tidak (TI-dak) — Nee
- Ya — Ja
- Tolong (TO-long) — Alstublieft (om hulp te vragen)
Aanspreekvormen:
- Pak (Meneer) — voor mannen, voor de naam of alleen. „Pak Wayan, terima kasih!"
- Bu / Ibu (Mevrouw) — voor vrouwen. „Ibu, permisi!"
- Mas — jonge man (informeel, vriendelijk)
- Mbak — jonge vrouw (informeel, vriendelijk)
