Basis & Uitspraak
Zweeds (Svenska) is een Noord-Germaanse taal, nauw verwant aan Deens en Noors. Veel woorden lijken op het Duits (Hund = hund, Haus = hus, Wasser = vatten). De uitspraak heeft echter zijn valkuilen — vooral de melodische klemtoon (intonatie), die het Zweeds zijn zingende karakter geeft.
Bijzondere letters
- Å/å: Als een open „o" (vergelijkbaar met de „o" in „voor")
- Ä/ä: Als „ä" in het Duits
- Ö/ö: Als „ö" in het Duits
Uitspraak-tips
- sj/sk (voor e, i, y, ö, ä): Een eigen klank — een zachte „sj" achterin de mond, bijna als een zachte „ch" (bijv. sjö = meer, sked = lepel)
- kj/tj: Als „ch" in „ich" (bijv. kjol = rok, tjugo = twintig)
- g (voor e, i, y, ö, ä): Als „j" (bijv. göra = uitgesproken „jöra")
- r: Wordt in Zuid-Zweden (Skåne) gutturaal zoals in het Frans uitgesproken, in de rest van het land als een tongpunt-r
- d, g, h: Aan het einde van een woord vaak stil (bijv. god = uitgesproken „guh")
