De vier seizoenen
Lente (april–mei): De ideale reistijd
Wenen in de lente is een droom: 15–22°C, bloeiende kersenbomen in het stadspark, de Schanigärten (terrassen) openen, het Prater wordt groen en de Heurigen beginnen aan het seizoen. De ideale tijd voor sightseeing — aangename temperaturen, gematigde prijzen en de stad in volle bloei.
Zomer (juni–augustus): Heet en levendig
Hoogseizoen: 25–35°C (hittegolven boven 38°C mogelijk), lange dagen, openluchtbioscopen, Donauinsel-Fest (Europa's grootste openluchtfestival, eind juni, gratis!) en concerten in het Rathaus-Park. De Weense bevolking vlucht naar de Alte Donau of de bergbossen. Tip: 's Ochtends musea, 's middags zwemmen, 's avonds Heurige of openluchtconcerten.
Herfst (september–oktober): Gouden herfst
De op één na beste reistijd: 14–22°C, gouden licht in het Prater, wijnoogst in de Weense wijngaarden (Sturm — de verse most — is overal verkrijgbaar!), minder toeristen en het begin van het concertseizoen. Oktober is perfect voor Heurigenbezoeken — nieuwe wijn, kastanjes en herfstkleuren.
Winter (november–maart): Weense advent & balsaison
De Weense winter heeft een bijzondere glans: De Christkindlmarkten (vanaf half november) voor het Rathaus, op de Spittelberg en voor Schloss Schönbrunn zijn legendarisch. Punsch in plaats van Glühwein, kastanjeverkopers op elke hoek en de balsaison (januari–februari) met als hoogtepunt: het Weense Operabal. De kou (-2 tot +5°C) wordt gecompenseerd door de sfeer.
💡 Tipp
De absoluut beste reistijd is mei of september: aangename temperaturen, weinig toeristen en het mooiste licht. In mei bloeien de tuinen van Schönbrunn, in september is er Sturm (verse most) en wijnoogstsfeer bij de Heurigen.
