Geschiedenis
Opiumoorlogen en kroonkolonie
De moderne geschiedenis van Hongkong begint met een van de schandelijkste hoofdstukken van het Britse Rijk: de opiumoorlogen.
De Opiumoorlogen (1839–1860)
In de 18e en 19e eeuw was de theehandel tussen Groot-Brittannië en China extreem ongelijk — China exporteerde thee naar Europa, maar accepteerde nauwelijks Europese goederen. De oplossing van de Britten: opium uit India naar China smokkelen om de handelsbalans in evenwicht te brengen. Toen de Chinese keizer de opiumhandel verbood en opiumvoorraden in Kanton (Guangzhou) liet verbranden, reageerde Groot-Brittannië met oorlog.
Na de Eerste Opiumoorlog (1839–1842) moest China in het Verdrag van Nanking het eiland Hongkong „voor eeuwig" aan Groot-Brittannië afstaan. Lord Palmerston noemde het eiland minachtend „a barren island with hardly a house on it" — een historische misrekening. In de Tweede Opiumoorlog (1856–1860) kwam het Kowloon-schiereiland erbij, en in 1898 werden de New Territories voor 99 jaar gepacht — dat pachtcontract dat in 1997 afliep en de teruggave veroorzaakte.
De kroonkolonie (1842–1997)
Onder Britse heerschappij werd Hongkong een van de belangrijkste handelshavens van Azië. De vrijhavenstatus (geen douanerechten, lage belastingen) trok handelaren en ondernemers van over de hele wereld aan. In de Tweede Wereldoorlog viel Hongkong aan Japan (1941–1945) — de „Black Christmas"-capitulatie op 25 december 1941 en de brute bezetting zijn diep verankerd in het collectieve geheugen.
Na de oorlog en vooral na de communistische revolutie in China (1949) vluchtten miljoenen mensen naar Hongkong — zij brachten kapitaal, arbeidskracht en de onvoorwaardelijke wil tot economische opkomst mee. Hongkong werd de economische wonderstad: van textielproductie tot elektronica en financiële dienstverlening.
De teruggave in 1997 en „Eén land, twee systemen"
De aftelling
Aangezien het 99-jarige pachtcontract van de New Territories in 1997 afliep en de New Territories 90% van het grondgebied uitmaakten, was het duidelijk dat Hongkong niet zonder hen kon bestaan. In de Sino-British Joint Declarations (1984) kwamen Groot-Brittannië en China overeen om heel Hongkong terug te geven — onder het principe „Eén land, twee systemen": Hongkong zou 50 jaar lang (tot 2047) zijn kapitalistische economische systeem, zijn onafhankelijke rechtspraak, zijn persvrijheid en zijn levensstijl behouden.
De overdracht
Op 1 juli 1997 om middernacht werd Hongkong in een plechtige ceremonie in het Convention and Exhibition Centre aan China overgedragen. Prins Charles en de Chinese president Jiang Zemin zaten zij aan zij, de Union Jack werd gestreken, de vlag van de Speciale Administratieve Regio Hongkong werd gehesen. Het regende pijpenstelen — wat sommigen als een symbool zagen.
Spanningen en protesten
De vraag of „Eén land, twee systemen" werkt, heeft Hongkong sindsdien niet losgelaten. De Paraplu-revolutie (2014) en de massaprotesten van 2019 (anti-uitleveringswet) toonden de diepe spanningen tussen de toenemende invloed van Peking en de vrijheidswil van veel Hongkongers. De Nationale Veiligheidswet van 2020 veranderde het politieke landschap ingrijpend. Hongkong blijft een fascinerende, maar complexe plek — een stad die haar identiteit tussen twee werelden zoekt.
War dieses Kapitel hilfreich?
