De Georgische keuken
De Georgische keuken is de grote onbekende van de wereldgastronomie — en voor veel reizigers de grootste verrassing van de hele reis. Ze is rijk, aromatisch, walnoot-georiënteerd en volledig uniek: niet Europees, niet oosters, niet Aziatisch, maar iets eigens. Drie ingrediënten zijn alomtegenwoordig: walnoten (in sauzen, pasta's, salades), koriander (vers, in grote hoeveelheden) en granaatappel.
De klassiekers — Verplichte kost
★★★ Khinkali (ხინკალი)
Het onofficiële nationale gerecht en een toetssteen voor elke Georgië-reiziger. Grote deegzakjes (groter dan Chinese dumplings), gevuld met gekruid vlees (rund/varkensvlees-mix met koriander, komijn, peper) en bouillon die tijdens het koken binnenin ontstaat. De kunst van het eten:
- Vasthouden aan het tuitje (Kuds)
- Voorzichtig erin bijten en de hete bouillon slurpen
- De rest opeten
- Het tuitje op het bord laten liggen (het dient als teller)
Wie minder dan 10 stuks eet, had geen honger. Er zijn ook vegetarische varianten (met kaas, champignons of aardappelen). 1 stuk: 0,80–1 GEL — absurd goedkoop voor zoveel genot.
★★★ Khachapuri (ხაჭაპური)
Georgië's kaasbrood — en elke regio heeft zijn eigen variant:
- Imeretisch Khachapuri: Plat, rond brood gevuld met Sulguni-kaas. De klassieker.
- Adsjarisch Khachapuri (Adjaruli): Bootvormig, met gesmolten kaas, een rauw ei en een stuk boter in het midden. Men roert ei en boter door de kaas en doopt er broodstukken in. HET iconische gerecht van Georgië.
- Megruli: Zoals Imeretisch, maar extra met kaas gegratineerd. Dubbel kaas!
- Penovani: Bladerdeegvariant. Licht en knapperig.
★★★ Mtsvadi (მწვადი)
Georgië's grillspiesen — meestal varkensvlees, in grote stukken op spiesen boven wijnrankenhout gegrild. Geserveerd met Tkemali-saus (pruimensaus), rauwe uien en granaatappelpitten. Het beste in de buitenlucht, aan een rivier, met een glas wijn. Zo grilt Georgië.
★★ Lobio (ლობიო)
Bonenstoofpot — klinkt saai, is geweldig. Rode bonen, langzaam gekookt met uien, koriander, fenegriek en kruiden. Traditioneel geserveerd in een aarden pot, met Mchadi (maïsbrood). Hartig, vullend, perfect in de winter.
★★ Churchkhela (ჩურჩხელა)
De „Georgische Snickers": Walnoten of hazelnoten, geregen aan een touwtje en herhaaldelijk gedompeld in ingedikte druivensap (Tatara), totdat er een dikke, kleverige laag ontstaat. Gedroogd worden ze hard-taai en smaken intens fruitig-nootachtig. Aan elke straathoek hangen ze als kleurrijke kaarsen. Perfect als wandelproviand.
