Madeira
Funchal & Oude Stad★★★
Funchal is het hart van Madeira — een stad die zich als een amfitheater tegen de berghellingen boven de haven nestelt. Ongeveer 110.000 inwoners wonen hier, ongeveer de helft van de totale eilandbevolking. De naam komt van "funcho" (venkel), die hier bij de ontdekking in 1419 wild groeide. Tegenwoordig is Funchal een verrassend kosmopolitische stad met uitstekende restaurants, levendige markten en een oude stad vol street art en karakter.
Het hart is de Mercado dos Lavradores — de art-deco markthal uit 1940, een feest voor alle zintuigen. Op de begane grond stapelen zich exotische vruchten op die op het Europese vasteland niet te vinden zijn: Annona (Cherimoya), Maracuja-bananen, Tamarillo en de kleine, zoete Madeira-bananen. Op de bovenverdieping: verse vis (waaronder de zwarte degenvis Espada, Madeira's specialiteit), bloemen en handgemaakte manden. Neem zeker de gratis fruitproeverijen aan, maar pas op: De verkopers proberen daarna graag dure fruitpakketten te verkopen.
De Zona Velha (oude stad) rond de Rua de Santa Maria is Funchals hipste wijk. Sinds het project "Portas Abertas" (2010) hebben meer dan 200 kunstenaars de deuren van de oude huizen in kleurrijke kunstwerken veranderd — een wandelbaar openluchtmuseum. Hier vind je tapasbars, Fado-locaties en restaurants naast elkaar. 's Avonds is de sfeer fantastisch.
De Sé Catedral (1514) is een van de weinige origineel bewaard gebleven manuelijnse kerken van Portugal — vooral het Mudéjar-houten plafond (Moorse invloed, ingelegd met ivoor) wordt als een meesterwerk beschouwd. Toegang gratis. Direct daarnaast is het Museu de Arte Sacra (3 €) de moeite waard, met Vlaamse schilderijen uit de 15e/16e eeuw, die ooit tegen suiker werden geruild.
Plan minstens 1,5 dagen voor Funchal — een halve dag voor de markt en de oude stad, een halve voor de kabelbaan naar Monte (zie rieten slee-rit), en tijd voor de restaurantscene 's avonds.
Tipp
Bezoek de Mercado dos Lavradores het beste 's ochtends (voor 11 uur), wanneer het aanbod het grootst is. Op zaterdag is het het drukst, maar ook het meest authentiek — dan komen de boeren uit de bergen. De exotische vruchten kosten op de markt het dubbele tot driedubbele van de supermarkt — beter kopen bij Pingo Doce, maar de sfeer op de markt is onbetaalbaar.
Levada-wandelingen — Top 5 Routes★★★
De Levadas zijn Madeira's unieke irrigatiesysteem — meer dan 2.500 km waterkanalen, die sinds de 15e eeuw regenwater van de vochtige noordhellingen naar de droge zuidhellingen leiden. Langs deze kanalen lopen smalle onderhoudspaden, die vandaag de dag een wereldwijd uniek netwerk van wandelpaden vormen. Het geniale: Omdat Levadas een zacht hellend verloop volgen, zijn de paden meestal vlak — perfect voor ontspannen wandelingen door anders ontoegankelijke kloven en oerbossen.
1. Levada das 25 Fontes & Risco-waterval (★★★)
Madeira's populairste wandeling — en dat is niet voor niets. Het pad leidt door het UNESCO-beschermde laurierbos van Rabaçal naar een turkoois natuurzwembad, waarin 25 watervallen storten. Het uitstapje naar de Risco-waterval (100 m valhoogte) is de moeite waard. Afstand: 11 km (heen en terug), duur: 4–5 uur, moeilijkheidsgraad: gemiddeld. Start: Rabaçal-parkeerplaats (pendel vanaf parkeerplaats ER110, 3 € heen/terug).
2. Levada do Caldeirão Verde (★★★)
De wildste Levada-wandeling: door tunnels (zaklamp meenemen!), langs steile rotswanden en door dicht laurierbos naar een smaragdgroene ketel met een 100-meter waterval. Wie verder gaat naar de Caldeirão do Inferno, ervaart nog dramatischere landschappen, maar moet rekenen op 6–7 uur. Afstand: 13 km (Caldeirão Verde) of 18 km (tot Inferno), duur: 5–7 uur, moeilijkheidsgraad: gemiddeld tot zwaar. Start: Queimadas-boswachtershuis bij Santana.
3. Vereda dos Balcões (★★)
De perfecte beginners-Levada: kort, eenvoudig en met een spectaculair uitzichtpunt over de vallei van de Ribeira da Metade, omlijst door Madeira's hoogste toppen. Ideaal voor gezinnen of als middagwandeling. Afstand: 3 km (heen en terug), duur: 1 uur, moeilijkheidsgraad: licht. Start: Ribeiro Frio.
4. Levada do Rei (★★)
De "Koningslevada" leidt door weelderig laurierbos naar een schilderachtige beekloop met watervallen. Minder druk dan de 25 Fontes, maar net zo sfeervol. Afstand: 10 km (heen en terug), duur: 3–4 uur, moeilijkheidsgraad: licht tot gemiddeld. Start: Parque Florestal das Queimadas bij São Jorge.
5. Levada do Norte — Eira do Serrado tot Curral das Freiras (★★)
Combinatie van Levada en bergwandeling met uitzicht op het Nonnendal (Curral das Freiras) — een cirkelvormige vallei, die aan alle kanten door 1.000-meter rotswanden is omsloten. Vanaf het uitkijkpunt Eira do Serrado heb je het beste uitzicht. Het dorp in de vallei staat bekend om zijn kastanjegerechten. Afstand: 6 km (afdaling), duur: 2–3 uur, moeilijkheidsgraad: gemiddeld (steil bergaf). Start: Eira do Serrado.
Tipp
Begin de populaire routes (25 Fontes, Caldeirão Verde) vroeg in de ochtend — vanaf 8:30 uur, voor de busgroepen. Voor de 25 Fontes geldt sinds 2024 een online reserveringssysteem in het hoogseizoen — vooraf boeken op ifcn.madeira.gov.pt! De Balcões-wandeling is de beste voor mistige dagen — het uitkijkpunt ligt vaak boven de wolken.
Achtung
Veiligheidswaarschuwing: Sommige Levada-paden zijn smal, met steile afgronden en zonder leuningen. Stevig schoeisel is verplicht, wandelstokken aanbevolen. Bij regen worden de paden glad — vooral de tunnels. Controleer altijd vooraf op visitmadeira.com of de route open is. De 25-Fontes-route wordt bij zware regenval gesloten.
Pico do Arieiro & Pico Ruivo★★★
De koningswandeling van Madeira: van de Pico do Arieiro (1.818 m), de derde hoogste top van het eiland, naar de Pico Ruivo (1.862 m), het hoogste punt. De route voert over een spectaculair bergkam-pad tussen de toppen — met afgronden aan beide zijden, door tunnels, over trappen en rotsrichels, vaak boven de wolken. Op heldere dagen reikt het zicht tot het naburige eiland Porto Santo en de meer dan 200 km verre horizon.
De Pico do Arieiro is per auto bereikbaar (weg ER202, 30 min. vanaf Funchal) en al de moeite waard: De parkeerplaats ligt letterlijk boven de wolken, en bij zonsopgang kleurt de wolkenzee goud en roze — een van de onvergetelijkste natuurspektakels van Europa. Hier is een café en een schuilhut.
De wandeling naar Pico Ruivo is 7 km lang (enkel), duurt 3–3,5 uur en wordt als middelzwaar ingeschaald — maar de trappen en hoogteverschillen (ca. 500 hoogtemeters cumulatief) maken het veeleisender dan verwacht. Er zijn twee varianten: de kortere, steilere "oostelijke route" en de langere, lichtere "westelijke route". Op de top wacht de schuilhut Abrigo do Pico Ruivo met WC en snacks.
De meeste wandelaars nemen dezelfde route terug (in totaal 14 km, 6–7 uur). Alternatief kan men bij Pico Ruivo afdalen naar Achada do Teixeira (45 min.) en daar een taxi terug regelen. Deze variant bespaart 3 uur, maar vereist logistieke planning.
De beste tijd voor de wandeling is vroeg in de ochtend vanaf 7 uur — dan zijn de kansen op helder zicht het grootst, voordat de wolken opstijgen. Het weer op Madeira's bergen is onvoorspelbaar: Het kan binnen enkele minuten van stralende zonneschijn naar dichte mist en ijzige wind veranderen. Ook in de zomer kan het op de toppen onder de 10 °C koud zijn.
Tipp
Voor de zonsopgang op Pico do Arieiro: Vertrek in de zomer rond 5:30 uur (zonsopgang ca. 6:30 uur). De weg is 's nachts open en verlicht. Warme kleding is ook in augustus verplicht — boven is het 's ochtends vaak maar 5–8 °C. Wie de wandeling naar Pico Ruivo schuwt: Alleen de zonsopgang op de Arieiro-parkeerplaats is het vroege opstaan waard.
Câmara de Lobos★★
Câmara de Lobos is het meest fotogenieke vissersdorp van Madeira — en dat liet zelfs Winston Churchill niet aan zich voorbijgaan, die hier in 1950 de haven schilderde. De kleine haven met zijn kleurrijke vissersboten, omlijst door een steile rotswand en overschaduwd door de dramatische klif Cabo Girão (580 m, een van de hoogste kliffen van Europa), is een van de iconische scènes van het eiland.
Het dorp ligt slechts 10 minuten ten westen van Funchal (bus nr. 154, elke 30 min., 2 €) en is de thuishaven van de Espada-vissers — de vissers die 's nachts met langelijnen op meer dan 800 m diepte de zwarte degenvis (Espada) vangen, Madeira's culinaire uithangbord. Vroeg in de ochtend kun je de boten bij hun terugkeer observeren en de verse vangst bewonderen.
De bar aan de haven is de perfecte plek voor een Poncha (zie hoofdstuk Eten) — het uitzicht op de kleurrijke boten, de hoog oprijzende klif en de Atlantische Oceaan is onbetaalbaar. De plaats zelf heeft smalle straatjes met traditionele huizen, een kleine kerk en een promenade die langs de zee loopt.
Vanuit Câmara de Lobos is een uitstapje naar de Cabo Girão Skywalk de moeite waard — een glazen uitkijkplatform op de 580 meter hoge klif met vrij uitzicht recht naar beneden op de oceaan en de "fajãs" (vruchtbare terrassen aan de voet van de klif, alleen bereikbaar per kabelbaan). De Skywalk is gratis en een must voor mensen zonder hoogtevrees. Bereikbaar per auto (10 min.) of bus nr. 154.
Tipp
De beste tijd voor Câmara de Lobos is laat in de middag, wanneer het licht goudkleurig wordt en de vissers hun netten repareren. In de haven moet je een Poncha drinken bij "Bar Ponte Velha" — de meest authentieke bar van het dorp, waar de vissers zelf komen. De Cabo Girão Skywalk is 's ochtends vroeg leeg, 's middags komen de busgroepen.
Porto Moniz — Lavazwembaden★★
Aan de wilde noordwestkust van Madeira ligt Porto Moniz, bekend om zijn natuurlijke zeezwembaden van lavasteen — een van de uniekste zwemmogelijkheden van Europa. Duizenden jaren geleden stroomde hier lava in de zee en vormde natuurlijke zwembaden, die nu door de Atlantische Oceaan worden gevoed: kristalhelder zeewater, beschermd tegen de branding, omgeven door zwart vulkanisch gesteente en witte schuimkoppen.
Er zijn twee zwemgebieden: De Piscinas Naturais (gemeentelijke natuurzwembaden) met kleedkamers, douches, zonneterrassen en reddingszwemmers kosten 3 € entree (kinderen 1,50 €). Ze zijn beter onderhouden en gezinsvriendelijker. Daarnaast liggen de vrij toegankelijke natuurzwembaden (Cachalote-gebied) — wilder, authentieker, maar zonder infrastructuur en bij hoge golven niet ongevaarlijk.
Porto Moniz ligt 90 minuten met de auto van Funchal — de rit over de noordkustweg ER101 is op zich al een belevenis, met tunnels, watervallen die direct op de weg storten (vooral bij São Vicente), en dramatische kustuitzichten. Het alternatief via de hoogweg ER110 over Paul da Serra (Madeira's enige hoogvlakte, 1.400 m) biedt heel andere landschappen — schrale heide in plaats van tropische weelderigheid.
In het dorp zelf is het Aquário da Madeira (7 €) de moeite waard, een klein aquarium in een voormalig fort met lokale zeedieren. En de restaurants aan de haven serveren de versste vis van de noordkust — Polvo grelhado (gegrilde octopus) en Lapas (napjes met knoflookboter) zijn de specialiteiten. Een lunch met uitzicht op zee kost 12–18 € per persoon.
Tipp
Combinatietip voor een perfecte dagtocht: Funchal → ER110 via Paul da Serra → Rabaçal (25-Fontes-wandeling, 4 uur) → Porto Moniz (lavazwembaden + lunch) → terug via noordkust ER101 via São Vicente. In totaal 8–9 uur, maar de mooiste dagtocht van het eiland. In Porto Moniz zijn de zwembaden het beste bij vloed — dan spoelt er vers zeewater in.
Botanische Tuin★★
De Jardim Botânico da Madeira is een van de mooiste botanische tuinen van Europa — gelegen op terrassen boven Funchal, met meer dan 2.500 plantensoorten uit alle continenten en een adembenemend uitzicht over de stad en de haven. De tuin werd in 1960 geopend op het terrein van de voormalige Quinta do Bom Sucesso en maakt gebruik van het subtropische klimaat van Madeira om planten te tonen die in geen enkele andere Europese tuin gedijen.
De hoogtepunten zijn de geometrisch aangelegde bloembedden bij de ingang (een caleidoscoop van Strelitzia's, orchideeën, Protea en hibiscus — het populairste fotomotief), de cactussen- en vetplantencollectie (een van de grootste van Europa), het laurierbos-gedeelte met originele bomen van de UNESCO-beschermde Laurisilva, en de papegaaientuin met tropische vogels. Een eigen gedeelte is gewijd aan de endemische planten van Madeira — soorten die alleen op dit eiland voorkomen.
De tuin is bereikbaar via de Teleférico do Jardim Botânico (kabelbaan) — een aparte kabelbaan die van de wijk Babosas naar de tuin leidt (enkele reis 5,50 €, retour 9 €). Alternatief de stadsbus nr. 31 (3 €) of een taxi (6–8 € vanaf het centrum). Het terrein is uitgestrekt — plan 1,5–2 uur in.
Direct naast de Botanische Tuin bevindt zich de Jardim Orquídea (Orchideeëntuin, 5 €) met meer dan 50.000 orchideeën — een aparte, particulier beheerde tuin, die vooral van november tot februari tijdens de orchideeënbloei spectaculair is. En vanuit de Botanische Tuin vertrekt een andere kabelbaan (Teleférico do Jardim Botânico–Babosas) naar beneden naar Monte, waar je de rieten slee-rit kunt aansluiten — een perfecte halve dag.
Tipp
De beste route: Neem de Monte-kabelbaan van Funchal naar Monte (12,50 € retour), bezoek daar de Tropische Tuin en de kerk, neem dan de verbindingskabelbaan naar de Botanische Tuin (5,50 €), bezoek de tuin, en neem de bus terug naar Funchal. Zo zie je alles in een ochtend. De combitickets (Monte-kabelbaan + Botanische-kabelbaan) zijn er voor 25 € — de moeite waard!
Rieten slee-rit Monte★★
De Carros de Cesto — de rieten sleeën van Monte — zijn Madeira's beroemdste en vreemdste vervoermiddel, een overblijfsel uit de 19e eeuw, toen welgestelde inwoners van Funchal zich in gevlochten wilgenmanden op houten glijders de steile berg af lieten glijden naar het stadscentrum, bestuurd door twee "Carreiros" in witte hemden en strohoeden, die de slee met hun rubberlaarzen remmen.
Tegenwoordig is de rit een toeristische attractie, maar een die daadwerkelijk plezier biedt. De route voert van de Igreja do Monte (bedevaartskerk op 600 m hoogte) over 2 km bergafwaarts door de straten van Funchal, met snelheden tot 38 km/u. Twee Carreiros sturen de rieten slee met touwen en remmen met hun voeten — een vertrouwensproef die met adrenaline wordt beloond. De rit duurt 10 minuten en eindigt in de wijk Livramento (niet in het centrum — een taxi terug kost ca. 5 €).
De prijzen: 30 € voor één persoon, 50 € voor twee personen in dezelfde slee. Duur voor 10 minuten? Ja. Uniek? Absoluut. De Carreiros werken op basis van fooien — 5 € extra is gepast. De dienst loopt ma–za van 9–18 uur (zondag rustdag), de wachttijden bedragen in de zomer vaak 30–60 minuten.
Voor de slee-rit is een bezoek aan de Igreja de Nossa Senhora do Monte de moeite waard — Madeira's belangrijkste bedevaartskerk. Hier ligt het graf van de laatste Oostenrijks-Hongaarse keizer Karl I., die in 1922 op Madeira in ballingschap stierf. De kerk is vrij toegankelijk en biedt een mooi uitzicht over Funchal. Direct daarnaast ligt de Jardim Tropical Monte Palace (12,50 €) — een weelderige tuin met Azulejos, Japanse sculpturen en tropische planten in een voormalig hotelpark.
Tipp
Kom vroeg in de ochtend (9:00 uur) of rond lunchtijd — dan zijn de wachttijden het kortst. Het beste met de Monte-kabelbaan omhoog (12,50 € retour, of 8,75 € enkel) en met de rieten slee naar beneden. De terugreis naar het centrum vanaf Livramento: Bus nr. 20 of 21 (1,95 €) of een taxi (5 €). Fotografie tijdens de rit is mogelijk, maar houd de telefoon met beide handen vast!
Eten & Poncha€
De keuken van Madeira is stevig, rijk aan zeevruchten en verrassend eigenzinnig — duidelijk anders dan op het vasteland. Het eiland heeft zijn eigen specialiteiten ontwikkeld, beïnvloed door de afgelegen ligging in de Atlantische Oceaan, het subtropische klimaat en de invloeden van zeevaarders die op hun reizen exotische specerijen en ingrediënten meenamen.
Het nationale gerecht van Madeira is Espetada — grote stukken rundvlees, gemarineerd in knoflook, laurier en grof zout, gespietst op een lauriertak en gegrild boven open vuur. In traditionele restaurants wordt de Espetada aan een haak boven de tafel opgehangen, en het vlees druipt op Bolo do Caco (zoete aardappelbrood). Een onvergetelijke ervaring — hoofdgerechten vanaf 12–16 €.
De zwarte degenvis (Espada) is het culinaire kenmerk van Madeira — een diepzeevis uit meer dan 800 m diepte, die 's nachts met langelijnen wordt gevangen. Hij ziet er angstaanjagend uit (lang, zwart, met enorme ogen), maar smaakt fijn en boterachtig. De klassieke bereiding: Espada com banana — gepaneerde degenvis met gebakken banaan en passievruchtensaus. Klinkt vreemd, smaakt fantastisch. Vanaf 13 €.
Bolo do Caco is het onofficiële nationale brood — een rond plat brood van tarwemeel en zoete aardappel, gebakken op een hete basaltsteen en besmeerd met knoflookboter. Bij kraampjes langs de weg vanaf 1,50 €, in het restaurant meestal gratis als bijgerecht. Lapas (napjes) worden gegrild met knoflookboter en zijn een populaire snack bij bier (6–8 € per portie).
En dan is er de Poncha — het nationale drankje van Madeira: vers geperst citroensap, honing en Aguardente de Cana (suikerrietbrandewijn), geroerd met een speciale houten klopper (Caralhinho). De klassieke Poncha is scherp-zoet-sterk en gevaarlijk lekker. Varianten met passievrucht, sinaasappel of mandarijn zijn milder. Een glas kost 2,50–4 €. De beste Poncha van het eiland zou te vinden zijn in de Bar „O Velho" in Câmara de Lobos en in de Taberna da Poncha in het bergdorp Serra de Água — een piepkleine bar, sinds 1954 in familiebezit, waar duizenden bezoekers hun handtekening op de muren hebben achtergelaten.
Tipp
Bestel de Poncha nooit als "cocktail" — dat beledigt de barman. Het is een traditioneel drankje, geen mixdrankje. De Taberna da Poncha in Serra de Água is een omweg waard: het bergdorp ligt 40 minuten ten noorden van Funchal, en de bar is sinds 1954 een instituut. Probeer de "Poncha Regional" met passievrucht — zoeter en toegankelijker dan de klassieke citroen-Poncha. En: Na drie Poncha merk je de Aguardente niet meer — voorzichtig!
Santana & traditionele huizen★
Het stadje Santana aan de noordkust is beroemd om zijn Casas de Colmo — de driehoekige, met stro bedekte huizen met de kleurrijke deuren en luiken, die het symbool van Madeira zijn geworden. Deze huizen, ooit de typische bouwstijl van de plattelandsbevolking, dienden als woon- en stalgebouw tegelijk — de dieren beneden, de familie boven onder het strodak.
Tegenwoordig staan de meeste van de overgebleven Casas de Colmo in het Parque Temático da Madeira (themapark, 6 €), een gezinsvriendelijk park aan de rand van het dorp, dat de cultuur, geschiedenis en natuur van Madeira toont. De origineel bewaard gebleven huizen op het gemeentehuisplein (vrij toegankelijk) zijn fotogenieker, maar er zijn er nog maar weinig. Santana is sinds 2011 een UNESCO-biosfeerreservaat.
De eigenlijke reden voor een bezoek aan Santana is de omliggende natuur: van hieruit starten de Levada-wandelingen naar Caldeirão Verde (vanaf het Queimadas-boswachtershuis, 5 km westelijk) en er zijn spectaculaire kustpaden. Het Queimadas-boswachtershuis zelf — een sprookjesachtig gebouw met strodak in een met mos begroeid bos — is een bezoek waard, ook zonder wandeling.
De rit van Funchal naar Santana (40 minuten via de VE4-snelweg) is al een belevenis — het landschap verandert van subtropisch naar alpien en weer naar weelderig groen. Santana heeft enkele goede, betaalbare restaurants: Cantinho da Serra serveert Espetada en Espada voor minder dan 12 € — met uitzicht op de groene bergen.
Tipp
Santana laat zich perfect combineren met de Caldeirão-Verde-wandeling: 's ochtends wandelen (5 uur), lunchen in Santana, 's middags de Casas de Colmo en het Queimadas-boswachtershuis bezoeken. Het boswachtershuis heeft een klein café met Bolo do Caco — perfecte versterking voor of na de wandeling.
War dieses Kapitel hilfreich?
