StartseiteReiseführerTurkijeGeschiedenis van Turkije
🇹🇷
Verstehen · Kapitel 9

Geschiedenis van Turkije

Turkije Reiseführer

Übersicht|
VerstehenKapitel 9: Geschiedenis van Turkije
Verstehen · Kapitel 9

Geschiedenis van Turkije

Turkije ligt op het kruispunt van de wereldgeschiedenis — hier ontstonden enkele van de oudste beschavingen van de mensheid, hier streden Grieken, Romeinen, Byzantijnen en Ottomanen om de heerschappij, en hier vormde Atatürk een van de radicaalste moderniseringen van de 20e eeuw.

Prehistorie & Oudheid

Anatolië is een van de wiegen van de menselijke beschaving. Göbekli Tepe (bij Şanlıurfa) — rond 9.500 v. Chr. opgericht — is het oudste bekende monumentale complex ter wereld, 6.000 jaar ouder dan Stonehenge. Çatalhöyük (bij Konya) was een van de eerste steden (7.500 v. Chr.).

De Hettieten (1600–1178 v. Chr.) stichtten vanuit Hattuşa (bij Çorum) een groot rijk dat met Egypte rivaliseerde. Het Verdrag van Kadesh (1259 v. Chr.) tussen Hettieten en Egyptenaren is het oudste bekende vredesverdrag ter wereld — een kopie hangt in het VN-hoofdkwartier in New York.

Aan de Egeïsche kust ontstonden Griekse stadstaten die bijdroegen aan de bloei van de antieke cultuur: Miletus (geboorteplaats van de filosofie — Thales, Anaximander), Efeze (Artemis-tempel, een van de Zeven Wereldwonderen), Halikarnassos (Mausoleum, nog een wereldwonder) en Troje (toneel van Homeros' Ilias). Alexander de Grote veroverde in 334 v. Chr. Anatolië en verspreidde de Hellenistische cultuur.

De Romeinen maakten Anatolië tot hun rijkste provincies: Pergamon, Efeze, Antiochië en Side bloeiden op. Het christendom verspreidde zich van hieruit — Paulus reisde door Anatolië, de Zeven Gemeenten van de Openbaring lagen allemaal in het huidige Turkije, en het Concilie van Nicea (325 n. Chr., in het huidige İznik) formuleerde de christelijke geloofsbelijdenis.

Byzantijnse Rijk (330–1453)

In 324 n. Chr. verplaatste keizer Constantijn de Grote de hoofdstad van het Romeinse Rijk naar Byzantium en noemde het Constantinopel — de stad die 1.100 jaar lang het machtigste centrum van de christelijke wereld zou zijn.

Keizer Justinianus I (527–565) liet de Hagia Sophia bouwen — het architectonische wonder dat de wereld 1.000 jaar lang domineerde. Onder de Byzantijnen ontwikkelde Anatolië zich tot het culturele hart van de orthodoxe christenheid: De rotskerken van Cappadocië met hun fresco's, de kloosters aan de Zwarte Zee (Sumela) en de theologische scholen getuigen van deze bloeiperiode.

Het Byzantijnse Rijk overleefde talloze belegeringen, kruistochten en interne crises. De Vierde Kruistocht (1204) — waarbij de kruisvaarders niet het Heilige Land, maar Constantinopel zelf plunderden — verzwakte het rijk dodelijk. De laatste 250 jaar waren een langzame neergang, totdat sultan Mehmed II in 1453 de stad veroverde.

Ottomaanse Rijk (1299–1922)

Het Ottomaanse Rijk — van een klein vorstendom in Noordwest-Anatolië tot een wereldrijk dat zich uitstrekte van Wenen tot Jemen, van Algerije tot de Kaspische Zee — was meer dan 600 jaar een van de machtigste dynastieën in de geschiedenis.

Osman I (1299) stichtte het vorstendom dat zijn naam zou dragen. Mehmed II „Fatih" (de Veroveraar) nam in 1453 Constantinopel in — de gebeurtenis die de Middeleeuwen beëindigde en een nieuw tijdperk inluidde. De stad werd omgedoopt tot İstanbul en werd de hoofdstad van het uitbreidende rijk.

Het Gouden Tijdperk onder Süleyman de Prachtlievende (1520–1566) zag de grootste uitbreiding van het rijk: Belegering van Wenen (1529), controle over de heilige plaatsen van de islam, baanbrekende hervormingen in de wetgeving en een culturele bloei met de architect Mimar Sinan (Süleymaniye-moskee, Selimiye-moskee — meesterwerken van de islamitische architectuur).

De langzame neergang vanaf de 17e eeuw — militaire nederlagen, economische achteruitgang, nationalistische bewegingen op de Balkan — leidde ertoe dat het rijk de bijnaam „Zieke Man aan de Bosporus" kreeg. In de Eerste Wereldoorlog vocht het Ottomaanse Rijk aan de zijde van de Centrale Mogendheden en verloor. De Gallipoli-campagne (1915) — een bloedige, uiteindelijk mislukte geallieerde aanval op de Dardanellen — werd de oprichtingslegende van het moderne Turkije. Daar onderscheidde de jonge officier Mustafa Kemal zich.

Atatürk & het moderne Turkije (vanaf 1923)

Mustafa Kemal Atatürk (1881–1938) — militair bevelhebber, visionair, revolutionair — is de belangrijkste figuur van de moderne Turkse geschiedenis. Na de verloren Eerste Wereldoorlog en de Grieks-Turkse oorlog (1919–1922) stichtte hij op 29 oktober 1923 de Republiek Turkije en voerde een radicaal hervormingsprogramma uit:

  • Afschaffing van het kalifaat en het sultanaat — scheiding van staat en religie (laïcisme)
  • Latijns alfabet in plaats van Arabisch schrift (1928) — van de ene op de andere dag
  • Gelijkberechtiging van vrouwen: Kiesrecht voor vrouwen in 1934 — vóór Frankrijk en Italië
  • Westerse kledingvoorschriften: Verbod op de fez, hoedenplicht voor mannen
  • Nieuwe hoofdstad Ankara in plaats van Istanboel — als symbool van een nieuw begin
  • Achternamen: Pas sinds 1934 hebben Turken achternamen — Mustafa Kemal kreeg de erenaam „Atatürk" (Vader der Turken)

Atatürk wordt in Turkije tot op de dag van vandaag vereerd: Zijn portret hangt in elk openbaar gebouw, zijn buste staat op elk dorpsplein, en belediging van zijn persoon is strafbaar. Op 10 november, zijn sterfdag, staat het land om 9:05 uur (zijn sterftijd) een minuut stil.

Turkije na Atatürk onderging militaire staatsgrepen (1960, 1971, 1980, mislukte poging in 2016), economische crises en politieke spanningen tussen secularisme en islam. Sinds 2003 heeft de AKP onder Recep Tayyip Erdoğan het politieke landschap ingrijpend veranderd. Voor reizigers is politieke discussie een gevoelig onderwerp — respect en terughoudendheid zijn geboden.

War dieses Kapitel hilfreich?